donderdag 20 december 2007

Stap voor stap, Steen voor steen

Zo, de kerstdagen staan voor de deur en ik heb nog steeds geen kerstgevoel. Dat zal ook niet komen, aangezien hier met kerst naar mijn idee niks bijzonders gebeurt. De mensen gaan gewoon door, zoals ze altijd doen. Ik heb op het project wat kerstversieringen opgehangen en in mijn kamer ook, maar zonder kerstliedjes, lichtjes, sneeuw en weet ik wat voor andere leuke dingen is het maar moeilijk voor te stellen dat het echt kerst is. Van de week ben ik ziek geweest, dus ook daar word je niet veel vrolijker van. (Al is het fijn te weten dat de malariamedicijnen hun werk doen) Gelukkig gaat het nu beter. We hadden gisteren een vrije dag omdat de moslims hier dan hun ‘kerstmis’ vieren. Moslims en christenen leven hier naast elkaar en alle feestdagen van beide partijen worden gevierd, dus ook met extra vrije dagen. Voor mij een verrassing, maar wel leuk, want ik ben er lekker een dagje op uit geweest.

Afuaman
Een collega, Barbara, nam me mee naar het dorp waar haar familie woont: Afuaman. Het is een dorpje even buiten Accra van modderhuisjes met rieten daken, echt afrikaans! Heerlijk om even in een groene omgeving te zijn, waar het nog echt stil is en alleen de vogels en de krekels hoort. De familie van Barbara heeft me hartelijk ontvangen en me het hele dorp laten zien. Haar vader is visser, dus hij heeft me meegenomen de rivier op. In een houten bootje lekker dobberen, echt leuk. Voor het eerst ben ik ook bij een echte chief op bezoek geweest, dat hoort er natuurlijk wel bij. Barbara is bezig een huisje te bouwen op een stuk grond in het dorp. Dat werkt hier wel anders dan thuis. Als je wat geld hebt, koop je een rij stenen en begin je met bouwen en als het geld op is, ligt het werk stil. Een huisje bouwen gaat dus steen voor steen. Je ziet dan ook overal halve huisjes en funderingen, waar niks mee gebeurt totdat er weer wat geld gespaard is.

Lifeline
Na veel vijfen en zessen heb ik dan toch echt de eerste lessen gegeven. Ik ben echt geschrokken van het niveau van de meiden. Sommige zijn nooit naar school geweest en weten dus helemaal niks van taal of rekenen. Andere zijn wel naar school geweest, zelfs middelbare school, maar kunnen niet eens een simpel berekeningetje maken of hun naam correct schrijven. Dus waar moet ik beginnen?!? Ze willen allemaal graag leren, maar veel dingen begrijpen ze gewoonweg niet. Alles gaat met tekeningetjes, liedjes, rijmpjes echt stap voor stap vanaf het begin. Het is echt een klus om alles een beetje in goede banen te leiden, want ik heb nauwelijks materiaal en word door het keukenpersoneel uit m’n ‘lokaal’ (lees eetzaaltje) gegooid. Hoe kan je nou lesgeven als je niet eens krijtjes hebt om op het bord te schrijven en als er continu mensen door je klas heen en weer lopen om de lunch klaar te zetten met alle kabaal die daar bij hoort?!? Er moet voor mij echt nog een hoop gebeuren, wil het allemaal lukken en willen de meiden er echt wat van opsteken. We zijn ook met AIDS voorlichting begonnen. Een aantal meiden zijn/waren prostituees en eigenlijk lopen ze allemaal risico om wat op te lopen, dus voorlichting is wel belangrijk. Ik vond het wel grappig dat het juist de (oudere) mannen waren die de voorlichting gaven. Stop 50 meiden bij elkaar en laat een keer het woord ‘seks’ vallen, en het is gelijk een grote chaos van gegiebel. Hier is dus ook een taak voor mij weggelegd, aangezien ik iets dichter bij de meiden sta en ik ze op een persoonlijke manier kan aanspreken.
Voor het personeel hier kan ik ook wat betekenen. Ik ben begonnen wat sytemen op te zetten voor allerlei data op de computer. Ze weten hier niet goed hoe je dingen goed en vooral ook efficient kunt organiseren op de computer zodat je makkelijk informatie kan uitwisselen. Alles gaat nog met de hand op papier en werk raakt soms kwijt of wordt dubbel gedaan. Interessant vinden ze het wel, want ze zien zelf ook dat dingen soms niet vlot werken, maar het ontbreekt aan kennis om het te verbeteren.

Post
Ik heb al een aantal brieven opengemaakt die ik had meegenomen. Sommige bewaar ik nog voor een mooi moment. Ik heb ze allemaal opgehangen in mijn kamer om de boel een beetje op te fleuren. Zeker zo rond de kerst is het toch fijn om al jullie gezichten te zien op de foto’s. Kerstkaarten zal ik niet sturen dit jaar, maar dat wil niet zeggen dat ik jullie vergeten ben! Dank ook trouwens voor alle digitale kaarten.

Bibini
Bijna 2 maanden in Ghana en ik voel me al een klein beetje een bibini (zwarte). Ik begin wat op te pikken van de taal, heb al met een baby op m’n rug gelopen en boodschappen op m’n hoofd (ja, dat is echt zwaar hoor!!), op zondag draag ik een mooi afrikaans outfit, dat door madame Gloria hier op het project gemaakt is, van stof die ook door de meiden hier is gemaakt en ik eet met m’n handen. Mensen blijven verbaasd als ze merken dat ik wat ‘meedoe’ in hun cultuur en meestal wordt er dan hard gelachen. Ik vind het allemaal wel prima, want ze zien dat ik m’n best doe om erbij te horen en daar kunnen soms leuke gesprekken uit voortkomen.

maandag 3 december 2007

Buduburam en Wawase

Zo, weer een paar weken voorbij! Ondertussen zit ik hier al een maand en begin ik al aardig thuis te raken. Hier volgt een opsomming van mijn avonturen van de afgelopen tijd:

Vluchtelingenkamp Buduburam
Wanneer je denkt aan een vluchtelingenkamp denk je al gauw aan een ongeorganiseerd tentenkamp met slechte voorzieningen en verdrietige mensen. Vorige week heb ik een kijkje genomen op het liberiaans vluchtelingenkamp in Buduburam, vlak buiten Accra, en ben tot de conclusie gekomen dat dit toch echt anders is. Kamp is eigenlijk een fout woord, het is meer een stad. Mensen wonen hier ook al erg lang, sommige al vanaf 1990. Hun woonplaats is dus meer een semi-permanente nederzetting dan een tijdelijke verblijfplaats. In Buduburam wonen meer dan 42.000 vluchtelingen en hun aantal groeit nog steeds. Gelukkig zijn er ook mensen die vrijwillig terug willen keren, nu de situatie in Liberia stabiel lijkt. Ze krijgen daarvoor alle hulp die nodig is.

In het kamp heeft Agreds een trainingscentrum opgezet wat gerund wordt voor en door vluchtelingen. Hier kunnen jonge mensen een vak leren, zodat ze niet stil zitten en als ze weer terug in Liberia zijn, ze mee kunnen helpen het land op te bouwen met hun kennis en vaardigheden. Ik kreeg een rondleiding door het centrum, waar op dat moment nog niks te doen was. Voor iedereen een grote verrassing toen we in een van de lokalen een geit vonden die de hele boel had onder gepoept! Buiten dat geen verrassingen, het zag er eigenlijk verrassend goed uit!

De mensen die ik gesproken heb waren allemaal heel erg aardig. Bij de oudere mensen proefde je wel wat verdriet over de hele situatie, maar aan de andere kant zijn ze ook blij dat ze nu in een vrij land zijn waar ze niet meer hoeven te vrezen voor de oorlog. Een jongen die ik sprak, ongeveer net zo oud als ik, deed een opleiding computertechniek. Hij was al een aantal keren terug naar Liberia gegaan, maar voelde dat hij daar nog niet kon blijven. De meesten willen wel weer terug naar Liberia als de mogelijkheid zich voordoet.

Opvallend vind ik wel dat het vluchtelingenkamp een stuk beter georganiseerd is dan de plek waar ik woon. Het kamp heeft een duidelijke, opgeruimde structuur en mensen konden goed voor zichzelf zorgen ondanks alle omstandigheden. De huisjes zijn goed bewoonbaar en de kinderen kunnen naar school. Hier in Agbogbloshie zit je toch wel helemaal onderaan is me duidelijk geworden.

Lifeline
Op lifeline zitten op dit moment 52 meisjes. Hun aantal groeit ook nog steeds. Inmiddels zijn ze begonnen met de lessen. Het lijkt erop dat ik binnenkort ook mag beginnen met lesgeven. Tot dusver heb ik rapporten geschreven en meegeholpen waar kon. Kan natuurlijk niet wachten om zelf voor de klas te staan.

De meiden moeten wel wennen aan hun nieuwe plek. Ze moeten strikt volgens de regels leven en dat is best moeilijk voor ze, omdat ze een hoop vrijheid moeten inleveren. Ze moeten alles nog leren. De meesten weten niks over persoonlijke hygiene, schoonmaken of hoe ze zich als een meisje moeten gedragen. De leiding geeft iedere morgen dezelfde donderpreek als er weer een wat uitgevreten heeft. Gelukkig vinden ze het leren allemaal wel heel leuk. De eerste handwerkjes van de naailes heb ik al gezien en de eerste vlechten van de kappers ook. Vandaag waren er koekjes! Gebakken door de catering-meiden. Voor het eerst iets echt zoets gehad op Lifeline.

Het leven is hier goed, maar eenvoudig. De meiden krijgen in principe alles wat ze nodig hebben. Wanneer ze mij in een mooi T-shirt zien krijg ik telkens de vraag: ‘Sister Linda, I like your shirt, give it to me’. Over het algemeen is alles wat ik heb mooi en willen ze alles wel hebben, zelfs mijn vaatdoek....ja echt! De mensen op straat doen dat ook, zelfs rijke mensen...gewoon omdat ik blank ben en ze denken dat ik het toch wel kan missen. Ik kan er soms wel boos om worden, omdat maar weinig mensen me niet als een wandelende geldmachine zien en het dus best moeilijk vrienden maken is. Toch begrijp ik wel dat ze zo doen, want het beeld dat ze hebben van de westerse wereld klopt echt niet...net als het beeld wat ze hadden van Accra toen ze hierheen kwamen.

Even een korte schets van het leven op lifeline: Er is een grote slaapzaal waar alle meiden slapen. Ze slapen in stapelbedden op oude matrassen uit Nederland en krijgen allemaal een laken en een kussen. Er is een was-complex, waar ze zich uit een emmer kunnen wassen. De wc is gewoon de goot die achter het complex loopt. Daar ga je boven hangen en je doet je ding. Er zijn ook wc's, maar die zijn soms stuk. De was doe je hier met de hand met koud water. Warm water hebben ze hier niet. Ik krijg al eelt op m’n polsen van het schrobben. Qua entertainment is er niks, alleen tv. Ik doe ’s avonds spelletjes met de meiden en gisteren heb ik ze een adventkalender laten maken. Ook de kerk die hier huist is een bron van entertainment en is druk bezocht.

Ik heb mijn eigen kamer met uitzicht op het open riool. Ik heb daar bijna alles wat ik nodig heb. Er is een keukenblokje en een badkamertje met wc en wastafel. Er is stromend water, waar ik zuinig mee probeer te zijn. Waswater kan je hergebruiken voor de vloer of om de wc door te spoelen. De eerste inheemse diersoorten hebben zich al gemeld. Muggen, hagedissen, mieren en een soort termietachtige wezens zijn er volop....lang leve mijn klamboe! Het is er ook echt vies. Ik maak wel schoon, maar alles lijkt altijd bedekt te zijn onder een dikke laag stof. De stroom valt hier regelmatig uit. Er zijn weken dat we maar 50% van de tijd stroom hebben. Op zich is hiermee wel te leven, maar er kan overdag niks op de computer gedaan worden zonder stroom, dat betekend geen werk, en ’s avonds is het vroeg donker. Bovendien wordt het gauw erg benauwd als de ventilatoren niet kunnen draaien. Buiten is het zo’n 36 graden, dus binnen is het dan nog warmer.

Ik kan niet zelf koken op mijn kamer, dus wordt er voor mij gekookt. Het eten, dat is meestal een deegbal of rijst of bonen of rijst met bonen met voor mij (niet voor de meiden dus) stoofpot. Stoofpot is een soort pittige tomatenpuree, druipend in palmolie met stukjes vis of soms kip. Dit eet ik als lunch en avondeten, ja vaak twee keer hetzelfde op een dag en een week lang. En ja, ik eet hier gewoon vlees, omdat ze speciaal voor mij dit eten maken en het simpelweg onbeleefd is om te weigeren. (let op...dat is de cultuur!) Bovendien heb ik de vitamientjes wel nodig, want er is hier een hoop niet! Er is geen melk, yoghurt of iets anders aan melkprodukten. Groente krijg ik maar weinig, want dat is duur. Ik haal zelf fruit op de markt en dat is echt een traktatie! Ook een welkome afwisseling is gebakken banaan of yam! Qua ontbijt eten de meiden een waterachtige drap die porridge genoemd wordt of een kop thee. Voor mij is dat echt niet genoeg, dus ik maak meestal zelf wat. Ik heb havermout en van de week zelfs brood gevonden! Heerlijk! Af en toe koop ik wat koekjes of een ijsje. Hoe meer ik rondkijk, hoe meer mogelijkheden ik zie met dat weinige dat er is.

Wawase
Mijn eerste echte uitstapje heb ik achter de rug. Ik ben net weer terug uit Wawase, een dorp nabij Cape Coast, waar ik een paar dagen bij de familie Kouwen (voor sommigen wellicht bekend?) op bezoek was. Deze familie woonde vroeger in Best en zijn sinds kort met het hele gezin als zendelingen in Ghana en runnen een school in het regenwoud. Ik vond het heerlijk om even met blanke mensen te kletsen, in het nederlands nog wel. De school daar is echt een succes, dus ik wilde graag weten hoe ze dat voor elkaar hebben gekregen, omdat ik hier vaak minder rooskleurige verhalen hoor over het naar school gaan. Wawase is een echt afrikaans dorp met leme hutjes en een chief. Mensen leven van en tussen de cacao en palmnoten. De frisse lucht, de groene omgeving en de hollandse gezelligheid hebben me echt goed gedaan.

vrijdag 16 november 2007

Toet toet boing boing en ABC

Zo, de eerste week zit erop. Ik weet eigenlijk niet waar ik moet beginnen met vertellen...Ik heb veel rond kunnen kijken bij de verschillende activiteiten op het terrein en hier en daar wat hand en span diensten verricht.

Op dit moment is de dagopvang (ABC) drukbezocht. Hier worden kinderen van 3 tot 6 jaar gebracht, waarvan de ouders de hele dag op de markt staan. De kinderen krijgen les en na de lunch doen ze een middagdutje. Dat lesgeven gaat er wel wat anders aan toe dan in Nederland. De kinderen reageren hier alleen maar als de leraar tegen ze schreeuwt, wat ergens ook wel logisch is gezien de herrie die een klas van 60 kinderen kan maken. Maar toch, voor mijn gevoel is dat wel raar. Onderling kunnen de kindjes ook best gemeen zijn. Ze schoppen en slaan mekaar en dat lijken ze allemaal heel gewoon te vinden. Op mij reageren ze over het algemeen heel leuk. Ik heb als rare obruni alle aandacht en heb ze binnen no time leren tellen of een liedje geleerd.

Ik ben ook de wijk in geweest van de week. Iedere mogelijkheid om van het terrein af te komen, grijp ik aan! Een paar meiden namen me mee en lieten me zien waar ze woonden en waar je welke spullen kunt krijgen. Het is echt raar om je als rijke westerling tussen de krotten te begeven. Er wonen hier zo veel mensen en er gebeurt zo veel om je heen, het lijkt op niks wat ik eerder gezien heb. Alle mensen zijn ontzettend aardig en nodigen me uit mee te eten of ze iets te leren. Ze hebben zo weinig, maar willen alles delen. Je vergeet bijna hoe druk en onhygienisch het is....

Van de stad heb ik ook al een klein beetje gezien. Van het weekend ben ik er met de tro-tro op uit geweest. Een tro-tro is een busje wat van ellende bijna uit elkaar valt, maar toch op wonderlijke wijze nog kan rijden. In deze busjes worden net iets meer mensen geladen dan past, en dan rijden ze luid toeterend de stad door. Zo heb ik al een vriendin bezocht en ben ik naar een kerkdienst in het centrum geweest. Een kerkdienst duurt hier trouwens rustig 3 uur of langer. Op zich is dat wel wennen, maar HALLELUJA! die afrikanen slepen me er wel door. AMEN!

Ondertussen druppelen de meiden binnen op het project. Overdag krijgen ze therapie, al vind ik dat wel zwaar klinken. Hun traject begint met traumaverwerking en een orientatie op hun toekomstige carrière. Ze kunnen dan kiezen in welk vak ze zich willen verdiepen. 's Avonds spelen we gezellig een potje kaart en vragen ze me te helpen met lezen of ander huiswerk. Jahaa, deze meiden willen graag leren, ze vragen zelfs om opdrachten om hun vaardigheden te verbeteren. Al weer een omgekeerde wereld!

vrijdag 9 november 2007

Akwaaba

Na een succesvol benefiet diner en een uitgebreid afscheid ben ik veilig aangekomen in Ghana. Bij aankomst stond mijn lift al op me te wachten om me naar het project te brengen. Het was al laat dus iedereen ging eigenlijk meteen naar bed, en ik werd in mijn nieuwe nederige stulpje achter gelaten. Toen ik de volgende ochtend wakker werd besefte ik eigenlijk pas waar ik was: midden in de sloppenwijk. De avond ervoor was het donker en zag ik niks, maar nu, 5:00 in de ochtend was het al zo'n drukte van jewelste onder mijn raam, dat het niet onopgemerkt kon blijven dat het hier zo verschrikkelijk anders is dan thuis.
Echt alles is hier anders: het klimaat, de architectuur, de mensen...het ruikt hier zelfs anders! De afgelopen dagen heb ik een beetje rond kunnen kijken op het project. Het gekke is dat de mensen hier net zo goed, zo niet erger, naar mij kijken als ik naar hun. Ik ben hier de enige Obruni in de wijk, dus je kan je voorstellen dat dat wel bijzonder is. Alle kinderen willen me knuffelen en voelen of ik wel echt ben. Echt een rare ervaring!
Op het project zelf is het nog rustig deze week. De meiden komen volgende week waarschijnlijk pas op het project wonen, omdat het geld nog niet binnen is. Ik heb al wel een aantal meisjes ontmoet. De verhalen die ze vertellen zijn echt schrijnend. Toch vind ik het erg gezellig om met ze op te trekken. Zij leren mij de lokale taal en ik help met hun huiswerk.
Voor mij is er verder nog niet zo veel te doen buiten een paar administratieve klusjes en wat spelen met de kinderen uit de dagopvang. Dat geeft me wel wat tijd om rustig te aclimatiseren.

zondag 14 oktober 2007

Benefietconcert

Vrijdagavond was het dan zover. Na alles opgebouwd te hebben kwamen de eerste gasten en konden we beginnen. Het werd een succesvolle avond. Naast dat het erg gezellig was is er ook nog eens €330,- opgehaald!

Via deze weg wil iedereen die heeft bijgedragen hartelijk bedanken. Ik heb genoten!

woensdag 19 september 2007

Oliebollenactie!

Zaterdag 15 september was het zover! De hele dag hebben mijn moeder, mijn zus en ik in de keuken gestaan om oliebollen te bakken. Tot het fornuis het begaf zijn we doorgegaan. Daarna bezorgde ik ze in Best en Oirschot waar iedereen het zich goed liet smaken!

zaterdag 15 september 2007

Projectinformatie


Wie is AGREDS?


AGREDS staat voor Assemblies of God Relief and Development Services. Dit is een non profit organisatie die voortkomt uit de Assemblies of God kerk. Deze organisatie komt op voor de minderbedeelden in de samenleving, die ze wil helpen door zowel materiele als sociale hulp te bieden. Dit doet zij vanuit de bijbelse gedachte dat men hulp biedt aan hen die dat nodig hebben.


Wat doet AGREDS?


AGREDS heeft verschillende projecten in Ghana waaronder een opvanghuis voor straatkinderen, het geven van medische hulp aan armen in medical centres, een HIV/Aids programma, het verstrekken van microkredieten en het bieden van een beroepsopleiding aan kansarme meisjes. Bij het laatste project zal ik me aansluiten. Dit is het ‘LifeLine Street Children Project’.


Over het project The LifeLine Street Children Project


In Ghana groeit het aantal mensen en kinderen dat op straat leeft met de dag. Geschat wordt dat momenteel in de steden ongeveer 60.000 mensen op straat leven, waarvan 25.000 in Accra, de hoofdstad van Ghana. Het is voor de toekomst van het land een belangrijke opgave deze tendens een halt toe te roepen.

Vanuit deze achtergrond werkt AGREDS samen met UNICEF en Kerk in Actie/ICCO in de wijk Agbogbloshie (Sodom en Gomorra) in Accra aan een uitgebreid programma. Ze biedt goede basis educatie, verschillende beroepsopleidingen, onderdak, voedsel en medische hulp aan straatkinderen. Met al deze middelen kunnen de kinderen (leeftijd 14-20) een diploma halen om vervolgens terug naar hun dorp of stad te gaan. De vaardigheden die ze geleerd hebben, bieden een goede basis om te kunnen leven. Bovendien brengen ze, eenmaal terug in hun eigen dorp, wat ze geleerd hebben in praktijk en leren het ook weer aan anderen.

Per jaar worden 100 tot 150 straatkinderen opgeleid, die vervolgens succesvol reïntegreren in hun gemeente.


De achtergrond van de straatkinderen

De meeste van deze straatkinderen zijn meisjes. Ze komen uit arme gezinnen, waar vaak niet genoeg geld is om goed voor ze te kunnen zorgen. Ze worden vanuit het hele land naar Accra gestuurd, in de hoop er een beter bestaan te kunnen opbouwen.

Dit gaat echter vaak mis. De meisjes hebben geen opleiding; kunnen niet lezen en schrijven, en komen daardoor niet makkelijk aan een baan. De meeste spreken zelfs geen engels (de hoofdtaal van Ghana). Om rond te komen belanden ze in de prostitutie of verhandelen ze goederen, zoals water en pinda’s, op straat.

Om dit probleem tegen te gaan volgt zestig procent van de kinderen, voordat ze hun diploma krijgen, een speciale training bij AGREDS om thuis voorlichting te kunnen geven over de risico’s van kind-migratie.

vrijdag 7 september 2007

Persbericht 31 augustus

-OIRSCHOT, 31 augustus 2007-

Een droom komt uit in Sodom en Gomorra

“Ik wil veranderen en ik wil iets veranderen”, zegt Linda van Tilborg. In november vertrekt zij naar Ghana om daar als vrijwilliger te werken in de sloppenwijk ‘Sodom en Gomorra’ in Accra. Het ‘LifeLine project’ aldaar, vormt voor haar de ultieme uitdaging om met en voor mensen bezig te zijn. Hier krijgen straatkinderen de kans om een opleiding te volgen en daarmee een menswaardig bestaan op te bouwen.

De droom
“Ik heb er altijd al van gedroomd een tijdje vrijwilligerswerk te doen in het buitenland” zegt de drieëntwintigjarige Linda uit Oirschot. Toen haar dit project werd aangeboden, hoefde ze dan ook niet lang na te denken en greep ze de uitdaging met beide handen aan. Voor sommigen lijkt het misschien een sprong in het diepe: alles achterlaten en naar een vreemd land vertrekken, maar Linda ervaart het ondertussen al als vanzelfsprekend. “Natuurlijk is het een hele stap, en dat is in het begin ook best eng. Toch zie ik veel kansen om mezelf te ontwikkelen en tegelijkertijd met iets goeds bezig te zijn.”

Problematiek
In Ghana leven ongeveer 60.000 mensen op straat. Veel van hen kunnen niet lezen en schrijven en komen daardoor niet aan werk. Veel kinderen die op het project van organisatie AGREDS terecht komen, werken in de prostitutie of handelen op straat. “Het is voor een westerling niet te bevatten, wat deze kinderen allemaal meegemaakt hebben. Het beste wat je kunt doen is, denk ik, een luisterend oor bieden en ze een basis geven waarmee ze een leefbaar bestaan op kunnen bouwen. Ik mag daarbij helpen door les te geven.”

Voorbereiding
Zo’n reis maak je natuurlijk niet zonder goede voorbereiding. Linda heeft dan ook verschillende trainingen afgerond en is bezig een aantal activiteiten te organiseren om het project in de aandacht zetten. “De levensomstandigheden van de straatkinderen zijn schrikbarend. Ik wil dan ook graag wat laten zien van de problematiek die heerst in Ghana. Bovendien vind ik het erg leuk om op een originele manier aandacht te vragen voor het project.”

Op vrijdag 12 oktober wordt er een benefietconcert gegeven in Café St. Marten in Oirschot. (aanvang 20:30) De opbrengst zal ten goede komen aan het vrijwilligersproject.

vrijdag 24 augustus 2007

Welkom!

Welkom op mijn weblog. Je kunt hier lezen over mijn spannende avonturen tijdens mijn verblijf in Ghana, waar ik vanaf november 2007 ontwikkelingswerk zal doen.